- COLUMN -
'Wie ik liefheb gaat heen': we nemen afscheid van de Poëzieweek met dichters Johannes van der Sluis en Erik Jan Harmens  - Erik Jan Harmens

'Wie ik liefheb gaat heen': we nemen afscheid van de Poëzieweek met dichters Johannes van der Sluis en Erik Jan Harmens

De laatste Poëzieweek komt vandaag tot zijn einde. We nemen afscheid van de Gedichtendag en het poëziegeschenk, maar gelukkig nooit van de poëzie. Om ons verdriet te verzachten hebben we een paar gedichten verzameld over afscheid en afscheid nemen. Lees op hieronder de prachtige gedichten van Erik Jan Harmens en Johannes van der Sluis.

 

Camper
Johannes van der Sluis

Op de paal
van een stoplicht
zit een sticker
er rijdt een camper
op een smal
bergweggetje
aan de kust
in een denkwolkje
staat
Lieve Heer
wilt u
de camper
sparen?
in een ander wolkje
staat
en ons ook
alstublieft
daaronder
staat geschreven
nee
alleen de camper

Rotterdam, 11 december 2019

 

 

Gospel voor de atheïst die me op zijn sterfbed vroeg een fokkin dominee te regelen
Erik Jan Harmens

dit is de laatste halve liter
vraag me niet wie ik ben want dan moet ik zeggen wie ik ben

de kitsche maan schijnt
de sterren doen het in hun stelsel
wie ik liefheb gaat heen
wie ik liefheb gaat heen
wat wil zeggen dat wie blijft de vinger krijgt

had ik jou niet op de wereld gezet dan had je nu niet gehuild
om de laatste veren van ik denk een duif op de onderbroken
streep van de provinciale weg
je verdwijnt onder het ijs en ik plaats mijn hand op de plek waar
ik je vermoed
ik opereer je maar mijn hand trilt dus ik faal
mijn moeder verstopt de autosleutels mijn vader vraagt waar
zijn de autosleutels ze wil niet dat hij gaat
je kunt bij wijze van ritueel een ster aanwijzen en zeggen daar
gaat pa

 

Please don’t go don’t goooooohohohoho i’m begging you to stay
Erik Jan Harmens

voor hen die mij verlieten en de oortjes aan de kopjes lijmden
voor hen die mij verlieten en hoe gaat het vroegen
was er maar een engel who could show some id
in plaats van dit steeds weer overreden lijkje
waar de maag van de rit’er zich als een zoutpilaar avant la lettre
om omdraait

pelswarm fris als gonorroe
het doet alleen pijn als je er op druk
de wát?! die de balken voor zijn spreekgat spietst
ik boen mijn medailles geen kát die het ziet

de microsoftpaintzon uitgegomd
ik wil niet zijn wie ik ben en ik wil met niemand ruilen

in je ene oor gloort angst in de ander niet
je bent zo laf als een badgast
er is geen reden voor paniek maar blijf op uw resort
doe voor niemand open als u binnen zit

het doet alleen pijn als je eraan denkt
comateus intraveneus maar altijd uit het hart
god is groot maar niet zo groot als wat ons pats! uiteendreef
 

Beide gedichten van Erik Jan Harmens komen uit Ik noem dit poëzie (Lebowski, 2016).

 

LEBOWSKI NIEUWSBRIEF
Blijf op de hoogte van het laatste nieuws en events met de nieuwsbrief van Uitgeverij Lebowski...