klok
In mijn woonkamer hangt een klok die nooit goed staat. Hij loopt dus wel, want anders zou hij twee keer per etmaal de juiste tijd aangeven.
Om twee uur ’s middags is het op de klok vijf voor tien. Zo laat zou het ook kunnen zijn, denk ik dan.
Als het vijf voor tien zou zijn, zou ik een goed deel van de dag nog vóór me hebben. Ik zou zoveel meer gedaan kunnen krijgen dan als het al twee uur ’s middags was.